Terug

Laadpaalverplichting voor bedrijven vanaf 2025

Laadpalen

Vanaf 2025 verandert er veel voor bedrijven met een parkeerterrein. Organisaties die twintig of meer parkeerplaatsen hebben, worden verplicht om minimaal één laadpaal te installeren wanneer zij een nieuw gebouw realiseren of hun bestaande pand ingrijpend renoveren. Deze verplichting komt rechtstreeks voort uit de Europese EPBD III-richtlijn, de Energy Performance of Buildings Directive, die alle EU-lidstaten moet helpen om gebouwen energiezuiniger en toekomstbestendiger te maken.

Waar komt deze verplichting vandaan?

De EPBD III-richtlijn is een Europese wetgeving die zich richt op het verbeteren van de energieprestatie van gebouwen. De richtlijn schrijft voor dat lidstaten maatregelen nemen om elektrische mobiliteit te stimuleren. Omdat vervoer steeds meer elektrificeert, speelt de laadinfrastructuur een essentiële rol in de energietransitie. Nederland heeft deze verplichtingen opgenomen in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving en in aanvullende nationale regelgeving. Hierdoor wordt de laadpaalverplichting vanaf 2025 bindend voor bedrijven.

Wat wordt er precies verplicht voor bedrijven?

Organisaties met twintig of meer parkeerplaatsen bij een nieuw pand of een grondig gerenoveerd gebouw moeten ten minste één oplaadpunt plaatsen. Daarnaast moeten zij voorzieningen treffen om in de toekomst meer laadpunten te kunnen toevoegen. Denk hierbij aan kabelgoten of voorbereidende elektrische infrastructuur. Deze zogeheten “laadpaal-ready” verplichting maakt het later veel gemakkelijker en goedkoper om extra laadpunten te installeren. Bedrijven blijven hierdoor niet achter op de groei van elektrische voertuigen en voldoen tegelijkertijd aan Europese wetgeving.

Wanneer spreekt de wet van een ingrijpende renovatie?

De verplichting geldt wanneer een renovatie zowel bouwkundige als technische installaties betreft en de kosten van deze renovatie meer dan 25 procent van de gebouwwaarde overstijgen. Alleen esthetisch onderhoud valt hier dus niet onder. Bij een ingrijpende renovatie wordt verwacht dat het bedrijf tegelijk aandacht besteedt aan energieprestatie en toekomstgerichte voorzieningen, waaronder laadinfra.

Waarom wordt juist de grens van twintig parkeerplaatsen gebruikt?

De Europese Commissie heeft deze grens gekozen om een balans te vinden tussen uitvoerbaarheid en impact. Parkeerterreinen met minder dan twintig plekken hebben doorgaans een veel kleinere laadbehoefte en veroorzaken minder druk op het elektriciteitsnet. Grotere locaties kunnen daarentegen het verschil maken in het tempo waarin Europa elektrificatie mogelijk maakt. Door deze verplichting op middelgrote en grote parkeerterreinen te richten, wordt een aanzienlijk deel van het wagenpark ondersteund zonder dat kleine ondernemers onevenredig zwaar worden belast.

Wat betekent dit voor bedrijven in de praktijk?

Ondernemers doen er goed aan om al vóór 2025 te kijken of hun situatie binnen de verplichting valt. Zeker bij nieuwbouwprojecten of geplande renovaties is het efficiënter om de laadinfrastructuur direct mee te nemen in het ontwerp. Hierdoor vermijd je dubbele kosten, beperk je de impact op het stroomnet en maak je je pand aantrekkelijker voor werknemers en bezoekers die elektrisch rijden. Bedrijven die al beschikken over zonnepanelen kunnen bovendien profiteren van een gunstige koppeling tussen zonne-energie en laadpalen. Meer informatie hierover is te vinden op zonne-energie opwekken, omvormers en installatie zonnepanelen.

Toekomstgerichte mobiliteit begint bij tijdige voorbereiding

De laadpaalverplichting vanuit de EPBD III-richtlijn past binnen de bredere ambitie van Europa om gebouwen energiezuiniger, slimmer en beter voorbereid te maken op elektrische mobiliteit. Bedrijven die nu al investeren in laadoplossingen zetten een stap richting lagere uitstoot, meer comfort voor gebruikers en een toekomstbestendige bedrijfsvoering. Wie wil weten welke laadoplossingen het beste aansluit bij de huidige of toekomstige situatie, kan zich verder oriënteren op de beschikbare systemen of contact opnemen voor persoonlijk advies.